Peru: Front eist onderzoek naar verdachte dood burgemeester Namballe


Op vrijdag 16 juli werd Amadeo Mijahuanca Peña, burgemeester van het Noord-Peruaanse grensdorp Namballe, dood aangetroffen. Hij was een prominent leider in de strijd tegen illegale mijnbouwactiviteiten in de provincie San Ignacio en opnieuw kandidaat voor de gemeenteverkiezingen in oktober van dit jaar. Een motorongeval, luidt het officieel, maar in de ogen van CATAPA's projectpartner in Peru, het Front voor Duurzame Ontwikkeling van de Noordgrens, is er meer aan de hand. Het Front vraagt in een verklaring een grondig onderzoek van de "verdachte" feiten.

Amadeo Mijahuanca Peña reed donderdagavond 15 juli in het gezelschap van een vriend met de motorfiets van San Ignacio naar Namballe. Daar zou hij veilig en wel thuis aangekomen zijn, volgens die vriend, maar de volgende ochtend werd de burgemeester dood aangetroffen aan de rand van een steile oever van de rivier Namballe- zijn motorfiets hogerop op de weg. De officiële autopsie houdt het op een ongeluk in de nacht van maandag op dinsdag; moord wordt uitgesloten omdat het lichaam geen steek- of schotwonden vertoonde.

De getuigenis van Amadeo's vriend spreekt deze versie van de feiten echter tegen. En er is meer: in de dagen voorafgaand aan zijn dood had de burgemeester volgens zijn naasten verschillende (doods)bedreigingen ontvangen. Die kwamen vermoedelijk van politieke tegenstanders, in de context van Amadeo's verzet tegen mijnbouwactiviteiten in het district Namballe.

"In samenwerking met de Rondas Campesinas heeft Amadeo voorkomen dat het mijnbouwbedrijf Río Blanco Copper een basis bouwde in Namballe", vertelt Carlos Martínez, burgemeester van San Ignacio en een persoonlijke vriend van hem. "Vorig jaar in april slaagden ze erin om artisanale mijnbouw in de rivier Namballe door het bedrijf Cerro Verde tegen te houden. En de afgelopen weken was Amadeo bezig met de voorbereidingen van een aanklacht tegen een ander bedrijf dat in die rivier goud is beginnen ontginnen. Gezien deze omstandigheden is zijn dood verdacht te noemen", aldus Martínez.

Verwijzend naar de kandidatuur van Mijahuanca Peña bij de volgende verkiezingen en zijn 'groene' politieke lijn als mogelijke moordmotieven, roept het Front op tot een gedegen onderzoek van zijn dood.

Niet alleen in de noordelijke grensstreek met Ecuador zijn er overigens gevallen van politiek geweld, die verband zouden houden met mijnbouwinvesteringen. Ook de regio Áncash werd recent opgeschrikt door twee politieke moorden, waaronder één op de regionale president. Dit geweld zou volgens bepaalde media en regionale parlementsleden te maken hebben met de verdeling van de inkomsten van de mijn Antamina, eigendom van (onder andere) 's werelds grootste mijnbouwmultinational, BHP Billiton.